Stookolietoelage

Voor welke brandstof:

De in aanmerking komende brandstoffen zijn:

  • huisbrandolie in bulk : een verwarmingsbrandstof, ook stookolie of mazout genaamd, in vloeibare vorm, besteld in liter (grote hoeveelheid), voor het vullen van een brandstoftank

  • huisbrandolie (of mazout) aan de pomp: hetzelfde product als het hierboven toegelichte product, maar in kleine hoeveelheden gekocht (jerrycans van 5, 10 liter), gebruikt voor petroleumkachels

  • lamppetroleum (c) aan de pomp: een verwarmingsbrandstof in vloeibare vorm, vooral gebruikt voor petroleumkachels (= op zich staande petroleumkachels zonder rookgaskanaal), gekocht in kleine hoeveelheden (jerrycans van 5, 10 liter)

  • bulkpropaangas: petroleumgas, verkocht in liter voor het vullen van een propaangastank

    Het Fonds komt dus niet tussen voor aardgas/stadsgas – elektriciteit – propaan/butaangas in flessen - pellet – hout – steenkool…

Wie heeft er recht op?

  • Categorie 1 : personen met recht op de verhoogde verzekeringstegemoetkoming van de ziekte- en invaliditeitsverzekering (zie …1/…1 op het klevertje van de mutualiteit)

Er dient geen inkomensonderzoek gevoerd te worden in volgende gevallen:

wanneer het huishouden bestaat uit een alleenwonende persoon (met of zonder kinderen ten laste) die geniet van het RVV-statuut;

wanneer alle leden van het huishouden genieten van het RVV-statuut.

Er dient wel een inkomensonderzoek gevoerd te worden indien niet alle leden van het huishouden genieten van het RVV-statuut.

Het jaarlijks bruto belastbaar inkomen van het huishouden moet in dit geval lager of gelijk zijn aan 18.363,39 euro verhoogd met 3.399,56 euro per persoon ten laste.

Met persoon ten laste wordt bedoeld een lid van het huishouden van de gerechtigde met een netto jaarinkomen, zonder de gezinsbijslag en het onderhoudsgeld voor kinderen, dat lager is dan 3.200 euro.

  • Categorie 2 : personen met een begrensd inkomen

Huishoudens met een jaarlijks bruto belastbaar inkomen lager of gelijk aan 18.363,39 euro verhoogd met 3.399,56 euro per persoon ten laste. Er wordt hierbij rekening gehouden met het niet-geïndexeerde kadastraal inkomen (x3) van de onroerende goederen buiten de gezinswoning.

  • Categorie 3 : personen met schuldoverlast

Personen die een schuldbemiddeling of een collectieve schuldenregeling genieten (Cf. wet 12/6/1991 op het consumentenkrediet; art. 1675-2 e.v. van het Gerechtelijk Wetboek) en de verwarmingsfactuur niet kunnen betalen.

Hoeveel bedraagt de toelage?

Per huishouden en per verwarmingsperiode kan er maximum 1.500 liter brandstof in aanmerking genomen worden voor de toekenning van een verwarmingstoelage.

Er is geen interventiedrempel meer.

Voor de grote hoeveelheden geleverde brandstoffen schommelt het bedrag van de toelage tussen 14 cent en 20 cent per liter en de maximumtoelage per huishouden is 300 euro.

Voor in kleine hoeveelheden aan de pomp aangekochte huisbrandolie of verwarmingspetroleum (type c) is er een forfaitaire verwarmingstoelage van 210 euro. Eén aankoopbewijs volstaat om recht te hebben op de forfaitaire toelage.

De toekenning van een forfaitaire toelage voor brandstof aan de pomp sluit de toekenning van een toelage voor een levering van brandstof in bulk uit, en omgekeerd.

Wat moet u doen?

Indien u denkt recht te hebben op steun van het Sociaal Verwarmingsfonds, moet u contact opnemen met het OCMW van uw gemeente binnen de 60 dagen na de levering.

Het OCMW zal nagaan:

  • of u wel degelijk behoort tot één van de categorieën van de doelgroep (zie de rubriek 'Wie heeft er recht op?'). Op het moment van de aanvraag neemt het OCMW elektronisch contact op met de Kuispuntbank Sociale Zekerheid. Deze dienst informeert ons of u en uw gezin beantwoorden aan één van de hierboven vermelde categorieën;

  • of u inderdaad gebruik maakt van een brandstof waarvoor u de steun kan krijgen (zie de rubriek 'Wat is het?');

  • of het adres dat op de factuur wordt vermeld, overeenkomt met het leveringsadres en het adres van waar u gewoonlijk verblijft;

  • of u voldoet aan de hierboven gestelde inkomensgrenzen (zie de rubriek 'Wie heeft er recht op?'). Uw inkomensgegevens en die van de leden van uw huishouden zullen via elektronische weg rechtstreeks bij de FOD Financiën opgevraagd worden. Het OCMW kan u contacteren wanneer aanvullende inlichtingen nodig zijn.

Het OCMW zal u volgende documenten vragen:

  • In ieder geval een kopie van de leveringsfactuur of -bon. Indien u in een gebouw met meerdere appartementen woont, vraagt u aan de eigenaar of beheerder van het gebouw een kopie van de factuur en een attest met vermelding van het aantal appartementen waarop de factuur betrekking heeft.

  • Indien u behoort tot categorie 1 :

          • uw identiteitskaart

          • op vraag van het OCMW, het bewijs van het gezinsinkomen (het meest recente aanslagbiljet, de meest recente loonfiche, het meest recente attest van een ontvangen  sociale uitkering, …)

  • Indien u behoort tot categorie 2 :

          • uw identiteitskaart

          • op vraag van het OCMW, het bewijs van het gezinsinkomen (het meest recente aanslagbiljet, de meest recente loonfiche, het meest recente attest van een ontvangen sociale uitkering, …)

  • Indien u behoort tot categorie 3 :

          • uw identiteitskaart

          • de beslissing van toelaatbaarheid van de collectieve schuldenregeling of een attest van de persoon die de schuldbemiddeling verricht

Contact

ann.bisschop@ruiselede.be

OCMW@ruiselede.be

OCMW

Kasteelstraat 1A
8755 Ruiselede
ocmw@ruiselede.be
051/68-94-84
051/68-63-80
Bekijk openingsuren